Voor Jaap Robben bepalen de details het verhaal

Jaap Robben (1984, Oosterhout) publiceerde een nieuwe roman. De laatste namen van Łukasz. Met als hoofdpersoon de Poolse arbeidsmigrant Łukasz Pleterska. Hij is plotseling verdwenen. Zijn dochter, de 17-jarige Janina gaat vanuit Zuid-Oost Polen op zoek naar hem in het grensgebied tussen Nederland en Duitsland. Haar Oma heeft op Social Media een bericht ontvangen van een man, Besim, die de jas van Łukasz heeft.

Door Hein van Kemenade

De verwarring begint al bij  de titel: hoe spreek je die uit? De laatste namen van Lukas of Woekasj? Door het streepje door de L: Ł wordt een wereld van verschil zichtbaar gemaakt. Łukasz zelf luistert naar beide uitspraken. Als Pool weet hij dat hij bij de grens het streepje verliest en dat de Ł een L wordt. Verschillende talen en de verwarring die ontstaat, wanneer je een taal niet goed spreekt, spelen een rol in het boek. Zoals de meeste Oost-Europeanen spreekt Łukasz nauwelijks Duits, Nederlands of Engels. Ze spreken voornamelijk hun eigen taal. Zoals de Albanees Besim, de man die zich meldde met de jas van Łukasz. Onderling verstaan ze elkaar ook slecht. De communicatie op het werk verloopt haperend. Janina doet haar uiterste best om Besim te verstaan en maakt ook gebruik van het vertaalprogramma op haar smartphone. Maar dan praat hij weer Albanees. ‘Nuk e di’ (Noek e dai). Dat betekent ‘Ik weet het niet’ en daarmee komt Janina nog geen steek verder. Oma Dotti, de moeder van Łukasz spreekt Sorbisch vanuit haar jeugd. Wanneer zij in paniek is valt zij terug op deze taal. ‘Rostejće, čert a hela!’ Janina herkent er wel iets van, maar niet erg genuanceerd.

Het Sorbisch wordt gesproken in de Lausitz, een gebied in het oosten van Saksen en het zuidoosten van Brandenburg, in Duitsland. De Georgische Lida Barishvili is de buurvrouw die op zoek gaat naar Łukasz. Zij ontfermt zich over zijn hondje. Zij is opgeleid als archeologe en doet schoonmaakwerk.

De roman is opgebouwd uit vijf hoofdstukken die elke een verhaal bevatten over iemand uit de omgeving van Łukasz. Het eerste verhaal, dat van Janina Pleterska vond ik erg indrukwekkend. Zij mist haar vader, omdat hij al wekenlang geen chatberichten meer stuurt en ook niet reageert op haar berichten. Zij maakt een lange reis in een busje, waar haar vader ook mee naar het westen reisde. Ze spreekt in Venlo en Duisburg heel veel mensen en via haar krijg je een beeld van wie Łukasz was. Janina lijkt qua karakter ook wel op hem. Het is ook logisch dat Janina hem gaat zoeken en niet haar moeder. Łukasz is gescheiden van haar. En oma kan nauwelijks zelf boodschappen doen, laat staan naar Duitsland reizen.

Dan volgen nog vier verhalen van mensen om Lukas/Łukasz heen, die hem de laatste maanden gezien hebben. Alle personen die hun verhaal doen en iets vertellen over Łukasz zijn ook erg met zichzelf bezig. Niet iedereen heeft Łukasz echt gekend. Wel vertelt iedereen iets wat Łukasz de laatste maanden overkomen is. Het is als een puzzel, waarbij de lezer als detective de lijnen vindt naar wie Łukasz is. Robben maakt hier zichtbaar welke sporen een mens achterlaat. Welke herinneringen anderen aan iemand hebben. Het viel mij op dat Łukasz zelf nergens aan het woord is. Iedereen praat over hem en zelf zegt hij niets. Alleen zijn er een aantal chatberichten bewaard gebleven, die nog op zijn telefoon stonden.

Ik vroeg aan Jaap Robben wat de aanleiding was om deze roman te schrijven. Hij vertelde dat zijn ouders naar een kleinere woning gingen verhuizen en hij hoorde zijn vader zeggen dat dit hun laatste huis zou zijn. Robben dacht toen aan het moment dat hij als laatste de deur zou dichttrekken en dat hij en zijn zusje de sleutel zouden moeten inleveren. Later bij de lift gekomen vroeg hij zich af hoe de doodgravers de kist in de lift zouden plaatsen. Het bleef hem in gedachten bezighouden en hij fantaseerde over een hond, dat hij die moest opvangen, terwijl zijn ouders niet eens een hond hebben. Plotseling moet hij voor een hond zorgen van iemand die er niet meer is. De hond loopt zijn eigen route, waarschijnlijk die hij ook liep met zijn vorige baasje. Zo kun je allerlei dingen over iemand te weten komen, zoals de route die iemand neemt op een wandeling en wie hij dan tegenkomt. Dit gegeven heeft een plaats gekregen in deze roman De laatste namen van Łukasz. In de persoon van de buurvrouw, de Georgische Lida Barishvili. Zijn ouders kwamen niet meer in de roman voor.

Alle personages heeft hij bedacht. En aanvankelijk was er een chaos in de verhalen die de roman zouden gaan vormen. Pas na jaren, tegen het einde van het proces heeft Robben er structuur aan gegeven en bijvoorbeeld ook de eerste zin bedacht. ‘Janina wil eigenlijk haar moeder bellen.’ Het woordje eigenlijk brengt spanning in die zin. Ze wil het wel, maar doet het niet. Waarom? Dat wordt al snel duidelijk. Het zijn precies deze details, die de roman vormen. Zoals het verhaal van het hondje. Of de jas die gevonden is. De verschillende talen en zeker het Sorbisch spelen een belangrijke rol in wat er gezegd wil worden. Een ander detail is bijvoorbeeld hoe er naar de schoenen van Łukasz gekeken wordt. Lida Barishvili ziet dat ze scheef afgelopen zijn, terwijl zijn moeder blij is dat ze gebruikt worden, omdat zij ze gegeven heeft. Ook de oorlog in de Oekraïne laat Robben in de roman zien door het beeld van de jongens op de school van Janina die naar oorlogsfilmpjes keken.

Het is een prachtige roman met een onverwacht einde. Er staan mooie zinnen in als
- Łukasz ging de dag betrappen. - zij zijn wakker, maar hebben de slaap niet helemaal uitgetrokken. - Een snokje aan de sleutel geven. - Hij had koudvoeten. En nog veel meer.
In deze roman heeft Jaap Robben aan een anonieme Poolse arbeidsmigrant een naam gegeven en een persoonlijkheid, die vol verlangens was.

Sommige levens

Worden pas zichtbaar

Wanneer ze verdwijnen

Jaap Robben, De laatste namen van Łukasz, Amsterdam, De Geus 2026, ISBN 9789044552669, 334 pp.,Hardcover, € 24,99, EPUB 3 met watermerk, € 12,99, Luisterboek, € 17,99